Deze Schotse psychiater weet waarom we steeds ongelukkiger worden, en wat we ertegen kunnen doen
Waarom is ons geestelijk welzijn nu zoveel slechter dan een eeuw geleden, terwijl we welvarender zijn dan ooit? Volgens psychiater en neurowetenschapper Iain McGilchrist ligt de sleutel in de tweedeling van onze hersenen.
Dit artikel is geschreven door
De wind waait hard op het Schotse eiland Skye. Een verlaten landweg, vol met gaten. Links en rechts een ruig landschap met in de verte majestueuze bergen, in nevelen gehuld. De weg leidt naar een wit landhuis, niet ver van de zee. Op deze afgelegen plek woont Iain McGilchrist (1953), psychiater, neurowetenschapper en filosoof, en fellow aan All Souls College Oxford.
McGilchrist – klein van postuur, rode trui, grijze baard en snor – verwelkomt in een salon vol met boeken: sommige netjes in de kast, andere op stapeltjes verspreid door de ruimte. Prominent op tafel ligt een smartphone, die enigszins detoneert bij de klassieke inrichting. “Ik wilde er niet aan. Totdat ik niet meer bij mijn bankgegevens kon zonder smartphone. Toen heb ik er toch maar een gekocht. Ik gebruik hem nauwelijks. Ik geef bijna niemand mijn nummer. Ik vind het storend en opdringerig.”
De toon is gezet. McGilchrist maakt zich zorgen over onze geestelijke gezondheid, die sterk achteruitgaat – onder meer door overmatig smartphonegebruik. Volgens hem een voorbeeld van de manier van kijken van de linkerhersenhelft, die dominant is geworden in de westerse cultuur, ten koste van de rechterhersenhelft. Met desastreuze gevolgen.
McGilchrist schreef twee boeken over de hersenhelften: The Master and His Emissary. The Divided Brain and the Making of the Western World (2009) en The Matter with Things (2021). De titel van het eerstgenoemde boek is veelzeggend. Het is een metafoor waarin de rechterhersenhelft staat voor de meester (master) die het geheel in context overziet en specifieke taakjes delegeert aan de linkerhelft, de gezant (emissary). McGilchrists grote stelling: de gezant is niet langer in dienst van de meester; hij heeft zelf de macht gegrepen.
Waarom heeft u van de studie naar de hersenhelften uw levenswerk gemaakt?
“Ik werd door collega’s met klem gewaarschuwd, omdat men had aangetoond dat de populairwetenschappelijke theorieën die hierover de ronde deden allemaal onjuist waren. Dat was ook zo, maar dat kwam doordat we de verkeerde vragen hadden gesteld. Lange tijd vroegen wij hersenwetenschappers ons vooral af: wat doende hersenhelften? Maar de twee hersenhelften zijn beide betrokken bij zo’n beetje alles, zo blijkt.
“We hebben ons onvoldoende afgevraagd op welke manier ze de wereld zien. Hoe benaderen ze taal? Op welke manier benaderen ze ratio, of emotie? De antwoorden op die vragen hebben met aandacht te maken. Afhankelijk van hoe je je aandacht richt, zie je verschillende dingen, en de dingen die je ziet, zie je in een ander licht. De verschillen tussen de hersenhelften zijn in dat opzicht enorm. En ze zijn essentieel om de wereld te begrijpen.”
Hoe benaderen de twee hersenhelften de wereld?
“Dat vindt zijn oorsprong in de evolutie. Hoe blijf ik in leven? Om dingen te grijpen, om dat konijn te vangen, moet je snel zijn, geen moeilijke vragen stellen. Dat vergt een bepaald soort aandacht, gefocust op geïsoleerde details. Dat is de wereld van de linkerhersenhelft. Die bestuurt niet toevalligerwijs de rechterhand, waarmee de meesten van ons grijpen.
“De rechterhelft neemt de hele omgeving in ogenschouw. Want er kan een leeuw zijn die jou als lunch wil terwijl jij naar je eigen lunch op zoek bent. Dus moet je weten wat er om je heen gebeurt. Dan is er nog je familie: je moet weten waar die is, omdat je ze moet beschermen. Overleven draait dus om dingen grijpen, maar ook om besef wat er in de omgeving gebeurt.
“De linkerhelft ‘ziet’ een wereld die bestaat uit geïsoleerde voorwerpen, losgezongen van de context, abstract, als symbolen op een kaart. De rechterhelft ‘ziet’ een wereld die bestaat uit relaties, een wereld die complex is maar ook rijk, levend. Alles is met alles verbonden.”
Na een beroerte in de rechterhersenhelft zijn metaforen moeilijk te begrijpen
McGilchrist onderbouwt zijn stelling mede met hersenonderzoek. Voor mensen die een beroerte hebben gehad in de rechterhelft kan het moeilijk zijn om ironie en metaforen te begrijpen. Alles wordt letterlijk. “Als ik een lezing geef en zeg: ‘Wat is het hier warm’, dan is dat voor de linkerhelft een feitelijke mededeling”, zegt McGilchrist. “De rechterhelft begrijpt dat ik eigenlijk vraag of er een raampje open kan.”
Patiënten met schade in de linkerhelft daarentegen bezien de werkelijkheid in beginsel niet anders dan mensen zonder schade. Wel kunnen ze bijvoorbeeld ineens grote moeite hebben met het gebruiken van bepaalde gereedschappen – het ‘grijpen’ en manipuleren waar de linkerhelft goed in is.
De twee visies van de hersenhelften zijn ook op collectief niveau terug te zien, zegt McGilchrist. Volgens hem leven we in een periode waarin de visie van de linkerhersenhelft overheerst. De samenleving is zo ingericht dat de blik van de linkerhelft wordt beloond, terwijl de zienswijze van de rechterhelft op de achtergrond raakt.
“Er is veel mis met onze cultuur, en het is vrijwel allemaal te herleiden tot hoe de linkerhersenhelft zich tot de wereld verhoudt: contextloos, zonder enig besef van hoe dingen met elkaar verbonden zijn en bij elkaar horen.”
De industriële revolutie als omslagpunt
Hoe ziet dat eruit? De westerse cultuur richt zich volgens McGilchrist sinds de industriële revolutie steeds meer op maakbaarheid, meetbaarheid, procedures, bureaucratie, exploitatie. De natuur wordt niet beschouwd als levend organisme waar de mensheid deel van uitmaakt, maar als levenloze materie om uit te baten. Hierin is de visie van de linkerhersenhelft, die gericht is op grijpen en manipulatie van uit hun context gerukte zaken, goed te herkennen.
“In samenlevingen zoals de onze, waarin het gezichtspunt van de linkerhersenhelft dominant is, is er een tendens om theorie belangrijker te vinden dan leren door ervaring, en wordt het impliciete in toenemende mate genegeerd, ten faveure van het expliciete. Terwijl zo veel dingen die belangrijk voor ons zijn, zoals kunst, mythen, religie en de liefde, het juist moeten hebben van wat impliciet is. Je maakt ze kapot door ze expliciet te maken, net zoals een mop die je uitlegt niet meer grappig is.”
Quote van .
‘Bij vrouwen is de grootste daling in geluksgevoelens te zien, en de grootste toename van depressie, suïcidale gedachten en zelfdoding’
Voor religie en spiritualiteit – ‘het sacrale’, noemt McGilchrist het – is in de wereld van de linkerhersenhelft geen plaats. McGilchrist waarschuwt dat deze manier van kijken de natuur verwoest. Bovendien wordt het voor mensen hierdoor steeds moeilijker om betekenis en transcendentie te ervaren.
Harvard-psycholoog Steven Pinker zegt dat het in veel opzichten goed gaat met de wereld. Er is nog nooit zo weinig extreme armoede geweest, en dit is een van de minst gewelddadige periodes in de geschiedenis. Toch slaat u alarm.
“Ik zou Pinker graag wat cijfers laten zien. Onze geestelijke gezondheid gaat hard achteruit. Voor een deel komt dat doordat we mentale problemen nu beter in het vizier hebben. Maar zelfs als we daar rekening mee houden, zien we dat mensen meetbaar ongelukkiger zijn dan vroeger.
“De Amerikaanse psychologe Jean Twenge heeft belangrijk onderzoek gedaan. Ze gebruikte daarbij data van een vragenlijst die sinds 1930 ieder jaar door zestienjarigen is ingevuld. Ben je gelukkig? Vind je dat de wereld een mooie plek is? Ben je eenzaam? Dat soort vragen. Wat blijkt? Sinds 1930 is het aantal psychische stoornissen met 400 tot 500 procent toegenomen. Bij vrouwen is de grootste daling in geluksgevoelens te zien, en de grootste toename van depressie, suïcidale gedachten en zelfdoding.”
Wat heeft dat met de hersenhelften te maken?
“Waarom zijn veel mensen zo ongelukkig? Omdat hun is verteld dat alles willekeurig en zinloos is. Ze geloven dat het leven geen richting of waarde heeft. Dat is nihilisme, en nihilisme gaat gepaard met wanhoop.
“Ik weet nog dat ik voor het eerst Mozarts Strijkkwintet in g-klein hoorde. Het heeft mijn leven veranderd. Dat meen ik echt. En toch, wat is het eigenlijk? Stel dat we het vanuit de linkerhersenhelft bekijken. Dan bestaat het uit losse noten. Zeventien a’s, negen assen, een bes erin. Maar dat is geen antwoord. Het zijn de relaties tussen de noten die de harmonie, de melodie en het ritme voortbrengen – het terrein van de rechterhelft. Wat muziek met een luisteraar doet, kun je niet meten.
“Zo is het ook met de liefde. Als je ooit verliefd bent geweest, weet je dat dat zeer waarachtig en belangrijk is, maar absoluut niet meetbaar en niet reproduceerbaar in een laboratorium.”
We kunnen toch meten welke stofjes er vrijkomen in de hersenen?
“We kunnen oxytocine-niveaus (gelukshormoon, red.) meten, maar dat is niet hetzelfde als liefde. Het is een zeer grove benadering van een deel van liefde. Het is niet de ervaring van liefde, net zomin als een kaart de wereld is.
“De linkerhelft kent alleen de kaart, terwijl de rechterhelft de echte wereld kent, die door de kaart verbeeld wordt. Een wereldkaart bevat heel weinig informatie. En we kunnen niet zonder kaarten. Maar als we denken dat we in de kaart leven, maken we een grote fout. Dat is wat er nu gebeurt.”
U schetst een somber beeld. Wat staat ons te doen?
“Eerst moeten we ons bewust worden van wat we verloren hebben. Net als iemand die in therapie gaat; die moet zich eerst realiseren wat er mis is. Vervolgens moeten we niet bang zijn om te rade te gaan bij het verleden. Alle grote revolutionaire bewegingen, de renaissance, de Reformatie, keken terug naar iets dat verloren was gegaan.
“Onderwijs is daarbij cruciaal. Dat vraagt nu niet genoeg van leerlingen. Die houden ervan als er eisen aan hen worden gesteld. Onderwijs is meer dan alleen feiten leren. Ieder kind draagt een vlammetje in zich, dat zonder zuurstof wordt verstikt. Dat is een risico als de linkerhersenhelft te dominant wordt. Veel jonge mensen voelen die verstikking en vragen zich af: waar kan ik iets vinden dat betekenis heeft?
“We moeten de studie van onze eigen cultuur opnieuw serieus nemen. Geschiedenis, literatuur, poëzie, de toneelstukken van Shakespeare, muziek, theater en schilderkunst. Het hoeft niet je passie te worden, maar je moet er enige ervaring mee hebben. Dat zal ook de geestelijke gezondheid ten goede komen.”
Ook in Nederland is het slecht gesteld met het mentale welzijn, in het bijzonder van jongeren. Wat hebben we volgens u nodig om gelukkig te zijn?
“Menselijk geluk hangt af van drie dingen. Het eerste is sociale samenhang: elkaar vertrouwen, leven en huis met anderen delen, samen eten en samen geloof of spiritualiteit beleven. Dat is al een sterke basis voor fysieke en mentale gezondheid.
“Het tweede is verbondenheid met de natuur. Ik gebruik bewust niet het vreselijke woord ‘milieu’, omdat dat een afstandelijke term is. Het suggereert iets wat om je heen is, waar je zelf niet toe behoort. Wij maken deel uit van de natuur, en de natuur maakt deel uit van ons; ze staat dus niet los van ons. Toch is voor een groot deel van de wereldbevolking dat contact met de natuur verloren gegaan.
“Tot ongeveer 1800 leefde waarschijnlijk 99 procent van alle mensen op het platteland. Hun werk was afhankelijk van de seizoenen; ze verzorgden het land. In de moderne tijd is die houding roofzuchtig geworden: de natuur is geïnstrumentaliseerd, iets om te gebruiken.
“Het derde element is een geestelijk leven. Dat kan een traditionele godsdienst zijn, maar ook iets anders. Als het maar gericht is op een werkelijkheid die deze werkelijkheid overstijgt, een kracht die groter is dan wij kunnen begrijpen, en waarmee men een gevoel van welwillende verbondenheid ervaart.”
Hoe geeft u zelf invulling aan uw geestelijk leven?
“Ik zie het hele leven als een geschenk. Alles wordt ons voortdurend gegeven. Franciscus van Assisi zegt: als je bidt, vraag dan om niets. Helemaal niets. Op school leerde ik dat er vier soorten gebeden zijn: aanbidding, schuldbelijdenis, dankzegging en de smeekbede.
“Vroeger dacht ik dat schuldbelijdenis en de smeekbede het belangrijkst waren. Nu, op mijn 72ste, vind ik aanbidding en dankzegging het belangrijkst. Als we vaker dankbaar zouden zijn, meer nederigheid zouden tonen, minder hoogmoed, meer medeleven ... Dat betekent niet dat iedereen zacht en klef moet worden. Liefde stelt ook eisen.
“We hebben het vermogen om goed én kwaad te doen. We zijn hier op aarde om dat vermogen in te zetten voor het goede. Om te bevorderen wat waarachtig, goed en mooi is. Als we dat doen, dan hebben we een rijk en zinvol leven geleid.”
met dank aan Trouw: https://www.trouw.nl/religie-filosofie/deze-schotse-psychiater-weet-waarom-we-steeds-ongelukkiger-worden-en-wat-we-ertegen-kunnen-doen~b3f1d0d1/
Weldra zal het Watermantijdperk grote omwentelingen met zich meebrengen die de mensen begrip zal bijbrengen voor de realiteit van de spirituele wereld en de wetten die daar gelden. Maar het nieuwe leven dat uit deze omwentelingen zal voortkomen, zal alle verbeelding overtreffen door zijn schoonheid, pracht en harmonie. Want alle schepselen die over de hele wereld verspreid zijn en die in het geheim werken om het Koninkrijk van God tot stand te brengen, zullen samenkomen om te handelen. Dan zullen de bolwerken van onwetendheid, materialisme en despotisme ineenstorten.Ik zeg jullie en het zal zijn zoals ik het zeg: niets zal de komst van het nieuwe tijdperk, dat van de Gouden Periode, kunnen verhinderen."
Omraam Mikhaël Aïvanhov (1900–1986), Bulgaarse filosoof, mysticus en spiritueel leraar.
Periode van uitspraak gedurende de tweede helft van de 20e eeuw, zoals onderdeel van Aïvanhovs vele lezingen. Vastgelegd in druk: circa 1981 in het (Engelstalige) boek Aquarius: Herald of the Golden Age.
Dromen werkelijkheid maken is ook nu in de individuele fase nog een persoonlijke opgave in de eigen omgeving
Welke archetypen stellen deze vier van de zes ivoren kleine beeldjes voor uit de tempelschat van Tomar (zie vorige blog)? Tim stelt dat ze 800 -1200 jaar oud zijn en van oosrerse of byzantijnse herkomst.
Of zijn het oude wijsgeren uit Griekenland, Egypte of anders. Graag een reactie?
Suggestie van Yolanda van N:Apostelen die kunnen allemaal een boekrol of boek meedragen. Matteüs als engel/mens (met boek/rol), Marcus als leeuw/mens met boek, Lucas als os/stier/mens met boek/medische instrumenten, en Johannes als adelaar/mens (met boek/kelk/slang)
reactie: ik meen dat er 6 beeltenissen zijn gevonden en mooie aanname. Alleen wat is wie?