Waardevolle oude tekeningen van Museum Klooster Ter Apel
Museum Klooster Ter Apel – een van de laatste resterende kloostergebouwen in Groningen – heeft een schenking gekregen van zes werken waarop het klooster is afgebeeld. Het gaat om twee schilderijen, drie tekeningen en een foto.
De schenker is Berend Jan Harding, opgegroeid in Ter Borg.
De werken zijn van de hand van Co Breman, Kokie Molsbergen, Jan Kagie, F. van der Heide en een anonieme schilder. De foto is van F.C.H.W. Lunow. Voor het museum is vooral de tekening van de kloostergang van Co Breman (1865-1938) erg bijzonder.
‘We voegen graag werken toe aan de verzameling waarop het klooster zelf het onderwerp is, zowel van binnen als van buiten’, zegt museumdirecteur Marjan Brouwer daarover.
Deze tekening is zo mooi omdat het de situatie van het klooster weergeeft van vóór de restauratie van 1931-1933. Daarbij heeft hij zich een paar vrijheden veroorloofd, met een deur aan het eind van de gang en een deur naar de tuin, die er in 1924, toen hij de tekening maakte, niet waren.
Co Breman en Ter Apel
Ahazueros Jacobus (Co) Breman werd geboren in Zwolle in 1865 en tot kunstenaar opgeleid in Brussel.
Hoe kwam hij ertoe om het klooster in Ter Apel te tekenen en schilderen? Dat kwam door een dominee, Albert de Jonge, die in Ter Apel op de kansel stond en in zijn latere jaren in Zwolle. Toen deze dominee in Zwolle zijn 25- jarig jubileum vierde, besloot de kerkenraad dat hij een schilderij van het klooster moest krijgen. Ter Apel was voor De Jonge een bijzondere plek, omdat er een kindje van hem en zijn vrouw begraven lag.
Zo werd Co Breman als kunstenaar gevraagd van deze betekenisvolle plek een schilderij te maken, dat de kerkenraad cadeau deed aan predikant De Jonge. En omdat hij er toch was, maakte hij ook nog deze tekening in de kloostergang.
Kunst met een verhaal
Dit verhaal maakt dat het werk extra op zijn plaats is in Ter Apel. De tekening van Breman zal regelmatig te zien zijn in het museum. De schenker, Berend Jan Harding, is een telg uit een oude Westerwoldse eigengeërfde boerenfamilie en groeide op in Ter Borg bij Sellingen. Ook al woont hij nu in Sneek, hij voelt nog steeds een grote verwantschap met het landschap van Westerwolde.
New Plato lore has been discovered in charred papyrus scrolls thanks to AI, according to Italian researchers, who have been examining a set of scrolls that were buried under volcanic ash in Pompeii. The newly deciphered text is part of 1,800 carbonized scrolls discovered in the 18th century, known as the Herculaneum scrolls. Researchers have been using AI along with other specialized imaging technology to read the scrolls, which are partially destroyed.
AI and specialized imaging technology led to new information about Plato's death.
National Research Council
So what are the new details? The Greek philosopher’s final resting place, for one — a secret garden near a sacred shrine inside the Platonic Academy of Athens (which was destroyed in 86 B.C.). And there’s gossip as well: Plato had been said to enjoy the music played to him on his deathbed, but the scrolls say otherwise. He found the flute music had a “scant sense of rhythm,” experts said during a presentation in Naples this past spring.
A tiny vial found in southeastern Iran has shown that your favorite MAC lip color may not be too far off from its predecessor — 4,000 years ago. The stone vessel containing a deep red mixture of minerals — primarily hematite, along with manganite, braunite and vegetable-based waxy ingredients — is “probably the earliest” example of lipstick to be scientifically analyzed, researchers reported in February.
“Both the intensity of the red coloring minerals and the waxy substances are, surprisingly enough, fully compatible with recipes for contemporary lipsticks,” the study’s authors noted in the journal Scientific Reports.
This tube is believed to contain the oldest documented lipstick.
M. Vidale/F. Zorzi
They added that the shape of the vial and its ingredients suggested its use on the lips, but it’s also possible it was used in other ways. A lipstick-blush combination kit? An ancient girl had options.
Hoog tijd voor een ‘wederombouw’ van het platteland, vindt deze hoogleraar. ‘Help boeren bij de herinrichting van het landschap’
Veld met wilde bloemen in Hellevoetsluis.Beeld Arie Kievit
Op het platteland overheersen de economische baten van de landbouw, zegt hoogleraar Joks Janssen. ‘We moeten op zoek naar brede welvaart: een nieuw evenwicht tussen economie, ecologie en een gezonde sociale omgeving.’
De overheid moet de leefbaarheid op het platteland sterker ondersteunen. Dat betekent meer grond aankopen om landbouw en natuur te combineren en samenwerking tussen boeren stimuleren voor bijvoorbeeld agrarisch natuurbeheer en waterberging. Dat zegt Joks Janssen, hoogleraar ‘brede welvaart in de regio’ naar aanleiding van zijn oratie, vrijdag aan de Universiteit Tilburg.
Janssen constateert dat het platteland kampt met een groot aantal problemen: te veel mest, een afnemend aantal boeren, te veel uitstoot van kooldioxide en verslechtering van de biodiversiteit. “We slepen een erfenis met ons mee van een hoogproductief landbouwsysteem. Dat is gericht op de productie van voedsel voor de export tegen een relatief lage kostprijs. Het is ontzettend moeilijk voor boeren om uit dat systeem te komen.”
De klem waarin boeren zitten en de milieuproblemen die de landbouw veroorzaakt, belemmeren de leefbaarheid, zegt hij. “De economische baten van de landbouw zijn voor rekening van de agrarische industrie, terwijl de kosten worden afgewenteld op de leefomgeving. We moeten op zoek naar brede welvaart. Dat betekent: een nieuw evenwicht tussen economie, ecologie en een gezonde sociale omgeving.”
Ruimte voor bomen, heggen en water
De hoogleraar, opgeleid als planoloog, pleit er in zijn oratie voor om boeren beter te helpen om te vernieuwen. De titel van zijn rede is Renovatio Ruralis, de ‘wederombouw’ van het Nederlandse platteland.
Advertentie
Een van de handvatten voor die wederombouw is het aankopen van grond door de overheid voor een betere combinatie van landbouw en natuur. “Ik zie helaas geen actieve grondpolitiek”, zegt hij. De overheid zou met het aankopen van grond overgangsgebieden moeten creëren rond natuurgebieden en boeren moeten ondersteunen die voedselproductie willen combineren met bijvoorbeeld natuurbeheer. Sowieso moet er meer ruimte komen voor bomen, heggen en water, bepleit Janssen.
Joks Janssen, hoogleraar brede welvaart in de regio, pleit voor een ruimtelijke herinrichting van het platteland.Beeld Maurice van den Bosch
Stimuleren
Al vaker is bepleit dat boeren betaald moeten krijgen voor zogeheten ecosysteemdiensten, zoals natuurbeheer, versterking van de biodiversiteit en waterberging. Janssen sluit daarbij aan. Hij voegt eraan toe dat de overheid samenwerking tussen boeren meer moet stimuleren, bijvoorbeeld als zij zich samen inzetten voor agrarisch natuurbeheer.
“Ik kom vaak genoeg op het platteland”, zegt Janssen. “Hier in Brabant werken boeren samen aan een verkoopkanaal voor lisdodde, isolatiemateriaal voor de bouw. In Zuid-Holland werkt een gebiedscoöperatie, Buijtenland van Rhoon, aan natuurinclusieve landbouw. De bereidheid om samen te werken is groot. Dat is mooi, want het heeft geen zin om natuurinclusief bezig te zijn als de buurman nog intensief boert. Dan zitten ze elkaar in de weg.”
Leren van historische systemen
Janssen: “Ondersteun ze. Gebiedscollectieven zijn belangrijk voor de herinrichting van het landschap. Ik zie groene boeren hard werken en met elkaar afspraken maken, maar de overheid doet nu te weinig voor dit soort initiatieven.”
De hoogleraar pleit voor de herwaardering van het gemeenschapsinitiatief, van het leren van de geschiedenis. Kennis van het verleden kan helpen om beter bestand te zijn tegen klimaatverandering. Bijvoorbeeld door herintroductie van vloeiweiden, een greppelsysteem voor irrigatie in een gebied. Of door gezamenlijk beheer van watermolens. “We kunnen leren van historische systemen.”
De aankoop van grond en de kosten van ecosysteemdiensten kunnen worden betaald met onder meer een planbatenheffing. Als er woningen op agrarische grond worden gebouwd, stijgt de grondprijs. Janssen bepleit over de waardestijging van de grond belasting te heffen en een ‘grondfonds’ op te richten. “Economische en ecologische opwaardering kunnen zo prima samengaan”, zegt hij. Een deel van de kosten kan ook uit de algemene middelen worden betaald. “Het levert meer natuur op en dat heeft een maatschappelijke waarde. Minder vervuiling leidt tot een besparing.”
‘Wiersma schiet door’
Janssen denkt dat er een grote behoefte bestaat aan verandering. Dat blijkt niet uit de verkiezingsuitslag, erkent hij. Hij verklaart de winst voor partijen die pleiten voor minder milieumaatregelen: “Er is in het verleden veel over boeren gesproken en niet met boeren”.
“Maar wat de nieuwe minister van landbouw, Femke Wiersma, nu doet is doorschieten naar de andere kant. Ze zegt ‘de boer aan het roer’ maar stimuleert het oude model, de economische belangen van de intensieve landbouw. Dat verergert de problemen. Ze moet de boeren die het anders willen doen ook stimuleren. Er leven genoeg ideeën. Bij bestuurders die ik tegenkom en ook bij boeren. Luister naar wat ze willen en kunnen om de brede welvaart te versterken.”
Voor iedere schol op je bord gingen 38 andere zeedieren dood
Een groot deel van de vis die bij de bodemsleepnetvisserij op platvis wordt meegevangen, overleeft dit niet. Wekelijks sterven zo miljoenen dieren, becijferden Tilburgse onderzoekers.