dinsdag 25 maart 2025

de Aarde leeft; LEVE de Aarde

 Marcia Bjornerud | Geoloog Mensen merken het niet op, maar stenen zijn voortdurend in beweging, alsof ze leven. „Ze kunnen verweren, plooien, verschuiven…”

Abiotisch. Levenloos. Non-living. Wie probeert een berg, steen of rivier te omschrijven in termen van natuur komt algauw uit op wat het allemaal niet is. Natuur zónder hartslag, zónder fotosynthese, zónder stofwisseling. Géén organisme.

Al op de scala naturae, de door Aristoteles bedachte ‘ladder van de natuur’ stonden aarde, water en gesteente helemaal onderaan. Daarboven kwamen de planten, daarboven de dieren, daarboven de mensen en dáár weer boven de goden. Nu, bijna 2.500 jaar later, lijkt die underdogpositie van de geologie nog altijd stevig verankerd in de westerse maatschappij. De aarde is een decor vol delfstoffen, één grote hulpbron voor de mens. Zeldzame metalen, fossiele brandstoffen, drinkwater: als we er maar baat bij hebben. Of als het anders op z’n minst maar móói is, om doorheen te wandelen.

Toch klinkt, steeds sterker, ook een tegengeluid. Bergen, rivieren, zeeën krijgen rechten toebedeeld; het gezaghebbende IPBES-rapport van de Verenigde Naties benadrukt dat de mens niet uitsluitend van de natuur moet leven maar ook met de natuur, in de natuur en zelfs als de natuur. In andere woorden: het wordt tijd dat we onze relatie met de aarde gelijkwaardig maken.

In de wetenschappelijke wereld is een van de grootste doodzonden het animisme – het beschrijven van inerte entiteiten als gletsjers en bergen alsof het levende wezens zijn. En toch viel het op Spitsbergen niet te ontkennen dat dit grimmige landschap leefde – dat gesteenten en water, ijs en lucht voortdurend met elkaar in gesprek waren.
Uit: Het verborgen leven van stenen van Marcia Bjornerud.

Een van de voorvechters van die omwenteling is de Amerikaanse hoogleraar en schrijfster Marcia Bjornerud. Als structureel geoloog onderzoekt ze aardbevingen en het ontstaan van bergen; ze deed veldwerk in onder meer Canada, Nieuw-Zeeland en Noorwegen. Haar vakgebied staat bekend als keiharde bèta-wetenschap. Natuurkundige formules, strike-slip faults, de schaal van Richter – dát is volgens structureel geologen de taal van de stenen.

Zo niet in de ogen van Bjornerud. In haar boeken met titels als TimefulnessGeopedia en Turning to stone (recent vertaald als Het verborgen leven van stenen) staat één boodschap centraal: we moeten luisteren naar de aarde, een dialoog aangaan met de stenen om ons heen.

Uitzicht van de Lenana Peak van Mount Kenya, de op een na hoogste berg van Afrika.
Foto Luis Tato/AFP

Rock is, in mijn ogen, geen zelfstandig naamwoord maar een werkwoord”, zegt ze in een videogesprek vanuit haar werkkamer aan de Lawrence University in Wisconsin. „Gesteenten zijn voortdurend in beweging. Ze kunnen verweren, plooien, verschuiven… Bergen groeien en eroderen. Soms gaat het zo traag dat wij het niet merken, maar het landschap beweegt. En in die zin is het levend. Om die reden houd ik ook niet van verzamelen. Het haalt stenen uit hun context, het maakt ze star, bewegingsloos. Terwijl stenen juist allesbehalve inert zijn.”

In tegenstelling tot flamingo’s of mangrovebossen hebben de meeste stenen een levensverwachting van tientallen tot honderden miljoenen jaren, waarbij ze zich in wisselende contexten bevinden. In tegenstelling tot hun reputatie zijn ze niet ongevoelig en onbewogen, maar afgestemd op hun omgeving en veranderen ze hun uiterlijk dienovereenkomstig.
Uit: Het verborgen leven van stenen van Marcia Bjornerud.

In haar boeken pleit Bjornerud voor timefulness: bewustwording van de grotere geologische tijdschaal. „Tegenwoordig is alles gericht op mindfulness, op in het nu leven. Maar juist ook het besef dat je bent ingebed in de geologische tijd kan een gevoel van verbondenheid geven: je bent deel van een groter geheel, van een planeet die constant aan verandering onderhevig is, en draagt daar ook verantwoording voor. Voor de gezondheid van het individu is mindfulness wellicht gezond, maar voor de gezondheid van de planeet is juist timefulness onontbeerlijk.”

In haar nieuwste boek vervlecht Bjornerud kennis over verschillende gesteentesoorten met verhalen over veldwerk en haar persoonlijke leven. „Op die manier wilde ik het dichter bij de lezer brengen. Geologie wordt nog te vaak gezien als een abstract, afstandelijk vakgebied – op school wordt er nauwelijks aandacht aan besteed, er heerst een enorme geo-ongeletterdheid. We leren de taal van het landschap niet lezen, we kennen de geschiedenis van de stenen niet, we lopen op aarde rond als een stel slechte toeristen.

„Zelfs van de streek waar ze zijn opgegroeid weten de meeste mensen vrijwel niets. Terwijl de bodem zó bepalend kan zijn voor je persoonlijke geschiedenis. In Wisconsin bijvoorbeeld, waar ik ook ben opgegroeid, was de zandgrond en de daaraan gekoppelde houtindustrie bijvoorbeeld enorm bepalend voor de verschillen tussen arm en rijk. In die zin kun je geologie en sociologie niet los van elkaar zien.”

Terwijl ik me de schoolbus voorstel die de heuvels op en af tuft, besef ik hoe wij allemaal – onze families, de boerderijen en ons stadje – net als het land, volledig door het zand zijn gevormd. Het definieerde de topografie, bepaalde de samenstelling van de bossen, dicteerde waar huizen konden worden gebouwd en waar waterputten konden worden geslagen, welke gewassen er konden worden verbouwd, wie rijk werd en wie in de schulden terechtkwam.
Uit: Het verborgen leven van stenen van Marcia Bjornerud.

De aanname dat de aarde inert is zorgt voor reële problemen, benadrukt Bjornerud. „Denk aan de gasbevingen bij jullie in Groningen. Je kunt zeggen: de aarde vóélt wat er gedaan wordt, reageert daarop. De bodem praat terug. Te lang hebben we geprobeerd het gedrag van de aarde te controleren – nu wordt het tijd dat we ons zélf gaan aanpassen. Maar in plaats daarvan hebben we onze zinnen gezet op Mars. Het getuigt van de menselijke hoogmoed dat we spreken van terraforming, het ‘maken’ van aarde. Daarmee gaan we volledig voorbij aan het dynamische systeem van zo’n planeet. Laten we alsjeblieft eerst onze eigen thuisbasis eens beter leren kennen – en behandelen – voordat we ons op ándere hemellichamen gaan focussen.”

De Colorado stroomt door de Grand Canyon in Arizona.
Foto Brandon Bell/Getty Images/AFP

Denken als een berg

In haar boek verwijst Bjornerud naar James Lovelock, de Britse ingenieur die in 2022 op 103-jarige leeftijd overleed en die in de jaren zeventig beroemd werd met zijn Gaia-hypothese: het idee dat de aarde fungeert als één groot superorganisme. Volgens Lovelock zorgen levende wezens er in interactie met abiotische factoren zoals de lucht, de gesteenten en de oceaan voor dat de aarde leefbaar blijft – niet te warm, niet te koud, niet te zuurstofarm. Bjornerud: „Aanvankelijk was daar veel weerstand tegen, maar tegenwoordig zie je zijn ideeën terug in vakgebieden als biochemie en geochemie.”

Het uitgangspunt van Lovelocks ooit controversiële idee is nu mainstream: er is geen heldere grens tussen de levende en niet-levende componenten van het aardsysteem. Overal op aarde, op elke ruimtelijke en temporele schaal, staan gesteenten, water, lucht en leven nauw met elkaar in verbinding.
Uit: Het verborgen leven van stenen van Marcia Bjornerud.

Een andere wetenschapper met wie ze zich verbonden voelt is de Amerikaanse ecoloog Aldo Leopold (1887-1948) die net als zij woonde en werkte in Wisconsin. „In 1949 bracht hij zijn beroemde Sand county almanac [recent vertaald als Het jaar rond op de zandgronden] uit, waarin hij benadrukt dat we moeten leren denken als een berg. Op de dag dat we de aarde zien als een gemeenschap waartoe we behoren, zegt hij, zullen we misschien met liefde en respect met haar omgaan. Dat kan ik alleen maar onderschrijven.”

Leopold leeft zich zelfs in in de atomen die uit een rotsblok vrijkomen en poneert ook zijn ‘Eerste Wet van Intelligent Knutselen’. Die houdt in dat élk onderdeel van een landschap of ecosysteem belangrijk kan zijn, net als bij een horloge, zelfs als we het nut ervan niet direct inzien.

Het idee van een levende aarde is dus zeker niet nieuw, benadrukt Bjornerud. „En gelukkig begint het besef dat we er zuinig op moeten zijn eindelijk beetje bij beetje in te dalen, ook bij geologen. Vroeger werden er bijvoorbeeld te pas en te onpas splinters steen van miljoenen jaren oude rotsen afgehamerd. Tegenwoordig zijn geologen respectvoller.”

Toch slaat ze zelf, heel af en toe, nog wel een stukje van een rots af. „Maar alleen als ik het gesteentemonster écht nodig heb. En ach, je moet maar denken: rotsen veranderen sowieso voortdurend van uiterlijk door erosie en verwering.”

Bron: https://www.nrc.nl/nieuws/2025/03/23/we-moeten-luisteren-naar-de-aarde-een-dialoog-aangaan-met-de-stenen-a4887341

zolang jij en ik nog gashonger hebben is winning nodig daar of hier en dan liever HIER

 

Gaswinning boven Schiermonnikoog begint: ’Minder vervuilend dan import Amerikaanse lng’

Amsterdam - Het gaswinningsproject van het Nederlandse One-Dyas op de Noordzee, twintig kilometer boven de Waddeneilanden Schiermonnikoog en het Duitse Borkum, is gestart met de testfase en productie.
Winning gas via platform naar testfase.

Telegraaf, 25.3.2025
„We zijn begonnen met de testfase op het platform”, bevestigt directeur Chris de Ruyter van Steveninck van het Amsterdamse olie- en gasbedrijf over het project NO5-A. In augustus vorig jaar is het platform geplaatst, in het najaar is de eerste put geboord en in de winter is de aansluiting op de grote Noordgas-transportleiding afgerond.
„We zijn aan de testfase van negentig dagen begonnen, waarbij je ook probeert zoveel mogelijk gas al te produceren”, zegt De Ruyter van Steveninck. Concreet betekent het dat deze put 2 miljoen kuub gas per dag kan produceren. Dat draagt bij aan 5% van alle Nederlandse gasopslag in 2025.
„Dit is een heel mooi moment voor Nederland, voor de gaswinning, en om zelfstandig te kunnen zijn in onze energie. In deze periode is dat enorm belangrijk”, zegt De Ruyter van Steveninck nu Nederland 63% van zijn gas importeert uit andere landen.

Opvoering gasproductie

One-Dyas wil na de testfase uitbreiden in het noordelijk deel van de Noordzee omdat Nederland volgens Energiebeheer Nederland nog tot zeker 2045 meer gas nodig heeft. „We willen gas winnen zolang Nederland en Duitsland het nodig hebben, of totdat het gasveld leeg raakt”, zegt de directeur.
Op de achtergrond lopen er gesprekken tussen overheden en bedrijven die vergunningen hebben om olie- en gas te winnen op de Noordzee. Volgende maand zou er een akkoord moeten komen. De Tweede Kamer dringt aan op extra winning in de Noordzee, ondanks milieubezwaren.

Meer gaswinning uit Noordzee

Het kabinet probeert de winning van de nog beschikbare 100 miljard kuub gas op zee rond te krijgen, nadat het grote Groningse gasveld vorig jaar werd gesloten. Nederland is sinds de blokkade van Russisch gas na inval in Oekraïne afhankelijk geworden van import van vloeibaar gemaakt gas (lng).
One-Dyas is het grootste particuliere Nederlandse olie- en gasbedrijf en is in handen van aandeelhouders zoals de familie Fentener van Vlissingen, voormalig ABN Amro-bankier Rijkman Groenink en olie-investeerders Marcel van Poecke en Jan Onderdijk. Het kreeg in 2022 een vergunning van staatssecretaris Hans Vijlbrief van Mijnbouw om daar gas te winnen. De Duitse deelstaat Nedersaksen gaf een vergunning voor zijn gebied af.

’Zelf winnen milieuvriendelijker dan import’

Vervolgens begon een harde juridische strijd tegen de start. Tegen de winning van One-Dyas lopen nog procedures, onder andere van Greenpeace. Vorig jaar werd het project geblokkeerd, deels om milieutechnische redenen, en later weer toegestaan.
Volgens De Ruyter van Steveninck is winning op de Noordzee veel milieuvriendelijker dan de import van het in Noord-Amerika gewonnen gas waarbij veel meer methaan naar de atmosfeer ontsnapt.
Het platform wordt aangesloten op een nabijgelegen windpark op de Noordzee en krijgt daarvan stroom. Daarmee is het veel milieuvriendelijker in productie dan de aloude gasplatforms. Het bedrijf verwacht binnen twee weken de aangepaste vergunning voor de stroomkabel te krijgen.

Gasput bij rif Duits Borkum

In augustus is het platform naar zijn beoogde plek gesleept en aangesloten op de geslagen gasput. In Duitsland wordt actie gevoerd tegen de winning die het rif bij het eiland Borkum zou schaden. Een Duitse rechter schorste vorige zomer een onderzeese elektriciteitskabel van 8 km naar het Duitse windpark Riffgat die het platform van groene energie moet voorzien en vroeg One-Dyas de plannen voor compensatie in natura als aanvulling in de vergunningsaanvraag op te nemen.
Volgens de laatste uitspraak mocht One-Dyas wel doorgaan met de voorbereiding van de gaswinning. „Dit is toch wel een succes voor Nederland”, zegt De Ruyter van Steveninck.
Gasplatform verbonden met windpark.
© ONE-DYAS
Gasplatform verbonden met windpark.
„Er lopen nog bodemprocedures, maar die hebben ons niet weerhouden om te beginnen. Ik ben er trots op: het hele project is opgetuigd met Nederlandse maritieme aannemers, samen met de Nederlandse en Duitse overheid om in Europa zelfstandig te kunnen zijn voor onze energie. Het is ook financieel rendabel, anders waren we er sowieso niet aan begonnen.”

Meer boorputten in Noordzee

In Nederland hebben twaalf bedrijven een vergunning voor het opsporen of winnen van aardgas, veelal in de Noordzee. One-Dyas wil 18 kilometer ten noorden van Schiermonnikoog het relatief grote gasveld N05-A en een aantal andere velden via tien boorputten gas leveren aan de bestaande Noordgas-leiding, die het gas naar land transporteert. Samen zouden die uiteindelijk 50 miljard kuub kunnen opleveren.
De bedrijven melden via hun branchevereniging Element.nl wel te willen, maar dat de voorwaarden om langdurig gas te winnen financieel nog te onzeker zijn. Daarnaast zijn niet alle gasvelden onder hun beheer nog even vol of kansrijk voor langdurige winning.

maandag 24 maart 2025

onze meest geliefde nederlandse roofdieren

'Nederland telt op dit moment ruim 100 wolven. Er leven zo’n 130.000 vossen en grofweg 30.000 buizerds. En de huiskatten? Die zijn met meer dan 3 miljoen, nog exclusief een onbekend aantal van in elk geval honderdduizenden zwerfkatten. De kat is dus een ongekend veelvoorkomend roofdier. Een situatie die natuurlijk vooral door zijn baasjes – de mens – gecreëerd is.

vrijdag 21 maart 2025

bliksems nog aan toe, het komt van kosmische supernova straling!

NEW EVIDENCE THAT COSMIC RAYS SPARK LIGHTNING: Every second, almost 50 bolts of lightning zig-zag across the skies of Earth. Despite centuries of study, however, researchers still aren't sure how the bolts get started. Electric fields in thunderclouds are often too weak to ignite a powerful discharge.


A lightning bolt over Brazil. Photo credit: Sergio Mazzi

new study just published in the Journal of Geophysical Research may have solved the mystery.

"We believe that that most lightning flashes in thunderstorms are ignited by cosmic ray showers," says the study's lead author Xuan-Min Shao, a senior scientist at the Los Alamos National Laboratory in New Mexico.

To investigate the earliest moments of lightning formation, Shao and colleagues built a radio interferometer named "BIMAP-3D." Consisting of an array of 8 antennas in Los Alamos, BIMAP-3D can make three dimensional images of lightning and pinpoint the bolts inside thunderclouds. Here's an example:


Caption: Colors in the image represent time. Blue traces the earliest moments of the bolt, while red denotes the end.

This is a lightning bolt from a massive thunderstorm that passed by Los Alamos on July 30, 2022. BIMAP-3D imaged more than 300 bolts during the 90-minute storm. It was a treasure trove of data.

The experimenters realized that some of the bolts they observed happened in parts of the storm where electric fields were too weak to cause the "Initial Breakdown Event" (IBE)--the initial spark that sets the lightning in motion. Modern theories of relativistic electron avalanche couldn't explain what they saw. Their suspicions soon focused on cosmic rays.

Cosmic rays are high energy particles that come from distant supernova explosions and other violent events across the cosmos. They strike Earth's atmosphere all the time, creating a secondary spray of particles called "cosmic ray showers." Regular readers are familiar with these showers because we routinely monitor them using Earth to Sky cosmic ray balloons over California.

One of the important things about cosmic ray showers is that they contain antimatter--positrons as well as ordinary electrons. The Los Alamos 3D lightning maps contained strong evidence for positrons. Electrons and positrons are bent in opposite directions by Earth's magnetic field, so they leave opposite imprints on the lightning's polarization, which BIMAP-3D also measured.

"It took me a while to figure this out," admits Shao. "I started with electrons only at the beginning, but could not explain the observations. With both electrons and positrons involved, all the observations can be consistently explained."

Positrons clinched the case for cosmic rays. "The fact that a cosmic ray shower provides an ionized path in the cloud that otherwise lacks free electrons strongly favor the inference that most lightning flashes are ignited by cosmic rays," the authors wrote.

In fact, it's still unclear how much of Earth's lightning is sparked by cosmic rays. Many more storms need to be studied with this method to improve the statistics. "This will require a lot of long-term and good quality lightning data," Shao says. 





verveling is een onaangename beoordeling van ons actief zijn op iets niets actiefs

 Studie der Uni Wien

»Langeweile wird völlig zu Unrecht gelobt«

Yoga, Meditation, Kirchenbesuch: In spirituellen Momenten langweilen sich Menschen erstaunlich häufig, hat der Bildungspsychologe Thomas Götz herausgefunden. Und er warnt: Langeweile ist nicht nur unangenehm, sie ist schädlich.
Ein Interview von Kerstin Kullmann
Übung beim Yoga
Übung beim Yoga
 Foto: Wavebreak / DEEPOL / Plainpicture
SPIEGEL: Kommt es häufig vor, dass sich Menschen beim Yoga oder in der Kirche langweilen?
Götz: Viel häufiger, als wir es erwartet haben. Wir haben für unsere Studie fünf Situationen untersucht, in denen Menschen sich mit einer spirituellen Praxis auseinandersetzen: Yoga, Meditation, das Hören von Predigten, Schweigeexerzitien und Pilgerreisen. Wir haben mehr als 1200 Leute befragt: Auf einer Skala von 1 bis 5 – wie stark haben Sie sich gelangweilt? Im Mittel maßen wir einen Wert von 1,9.
Zur Person
Foto: Privat
Thomas Götz, 56, ist Professor für Bildungspsychologie an der Universität Wien. In seiner aktuellen Studie hat er mit Kolleginnen und Kollegen das Phänomen der Langeweile in spritituellen Praktiken untersucht.
SPIEGEL: Für eine freiwillig gewählte Aktivität erscheint das recht hoch. Wobei langweilten sich die Leute am meisten? Und wann besonders wenig?
Götz: Bei den katholischen Predigten lag der Wert mit 3,6 am höchsten. Bei Pilgerreisen wurde sich am wenigsten gelangweilt. Dort gaben die Probandinnen und Probanden einen Mittelwert von 1,4 an. Vermutlich, weil das recht abwechslungsreich ist. Die Landschaft ändert sich, man kann das eigene Tempo anpassen.
SPIEGEL: Wie haben Sie die Langeweile gemessen?
Götz: Wir haben zu den fünf Praktiken jeweils zwei Studien durchgeführt. Einmal haben wir generell gefragt: Wie stark langweilen Sie sich dabei? Und dann haben wir die Leute direkt im Anschluss an die Situation befragt, uns zum Beispiel mit unseren Fragebögen nach dem Gottesdienst vor die Kirche gestellt. Oder die Probandinnen und Probanden gebeten, gleich nach einer Yoga-Sitzung den Fragebogen online auszufüllen.
Katholischer Gottesdienst in München
Katholischer Gottesdienst in München
 Foto: 
Manfred Bail / mauritius images
SPIEGEL: Warum langweilt man sich bei einer Tätigkeit, die man selbst gewählt hat? Es zwingt einen ja niemand.
Götz: Ich glaube nicht, dass jede oder jeder das alles immer freiwillig macht. Der Kirchgang ist für viele Menschen immer noch Routine. Und auch beim Meditieren oder beim Yoga denken einige, das gehöre zu einem bestimmten Lebensstil dazu und fühlen sich dann ein Stück weit gedrängt und verpflichtet mitzutun. Aber selbst, wenn man sich vollkommen freiwillig spirituell betätigt, können sich die allgemeingültigen, zentralen Ursachen für Langeweile einstellen: Man fühlt sich überfordert. Man fühlt sich unterfordert. Oder die Aktivität erscheint einem wenig sinnvoll.
SPIEGEL: Was genau macht Langeweile aus?
Götz: Wenn man sich langweilt, fühlt man sich schlecht. Man hat den Eindruck, dass die Zeit langsamer vergeht, man möchte aus der Situation raus und etwas anderes erleben. Auch physiologisch lässt sich das messen: Man hat zum Beispiel einen niedrigeren Blutdruck, einen verlangsamten Herzschlag. Man sieht es einem Menschen auch an, wenn er gelangweilt ist. Er sinkt zum Beispiel auf einem Stuhl in sich zusammen.
SPIEGEL: Dabei wurde in den letzten Jahren immer wieder das »Lob der Langeweile« gesungen: Das Nichtstun als Chance, zu Neuem zu finden, kreativ zu werden.
Götz: Man verwechselt die Langeweile gerne mit der Muße. Langeweile ist eindeutig ein unangenehmes Gefühl. Und sie ist schädlich. Es gibt mittlerweile viele Studien, die zeigen, dass Langeweile mit ungesundem Verhalten einhergeht. Das reicht vom Essen, das man aus Langeweile in sich hineinschiebt, bis hin zu risikoreichen Aktionen, wie sie manche Jugendliche etwa beim S-Bahn-Surfen suchen. Und nicht selten mündet es in Straftaten. In der Schule gilt: Kinder, die sich langweilen, haben schlechtere Noten. Die Langeweile wird also völlig zu Unrecht gelobt. Außerdem muss man wissen: Auch Menschen, die extrem viel arbeiten und sehr beschäftigt sind, können sich langweilen.
SPIEGEL: Wie das?
Götz: Wenn ihnen das, was sie tun, als sinnlos erscheint. Der berühmte Wiener Psychologe Viktor Frankl hat dafür das Bild des Sisyphos verwendet: Sobald der Stein, den er den Berg nach oben gerollt hat, wieder nach unten rollt, hat er Zeit, darüber nachzudenken, wie sinnlos seine Tätigkeit ist. Spätestens hier müsste ihn die Langeweile überkommen. Das ist ein etwas anderes Bild, als das von Camus überlieferte, dass man sich Sisyphos als einen glücklichen Menschen vorstellen muss.
Yoga und Meditation - Sport und Sinnsuche
Yoga und Meditation - Sport und Sinnsuche
 Foto: 
Hugh Whitaker / DEEPOL / Plainpicture
SPIEGEL: Frankls Sisyphos ist ein gelangweilter Mensch?
Götz: So wie jemand, der im Alltag durchs Arbeitsleben hastet, aber am Wochenende oder im Urlaub Zeit hat zu bemerken, wie wenig sinnerfüllt sein Tun ist. Wenn dann ein massives Gefühl der Langeweile entsteht, kann das bis ins Arbeitsleben hineinwirken. Das Erstaunliche an unserer Studie war zu sehen, dass sich die Menschen eigentlich genau deswegen der Spiritualität zuwenden: Weil sie auf der Suche nach einem Sinn im Leben sind. Dann machen sie diese Übungen, die ihnen als nicht sinnvoll erscheinen, und brechen ihre spirituelle Weiterentwicklung ab. Aus Langeweile.
SPIEGEL: Was wäre ein Gegenmittel?
Götz: Als Bildungsforscher fand ich es sehr interessant, dass die Ursachen und Wirkungen von Langeweile bei Spiritualität völlig identisch sind mit denen in der Schule. Das spirituelle Lernen ist ein ähnlicher Lernprozess. Man kann sich dabei genauso langweilen wie in der Schule, wenn der Lehrer vorne spricht und man alles entweder schon weiß, nicht mitkommt, oder nicht versteht, warum man überhaupt in der Schule sitzen sollte. Bei solchen Problemen in der Schule weiß man, was helfen kann: individuelle Gruppen bilden, in denen jeder nach seinem Tempo mitmacht und wahrgenommen, gefördert wird.
Götz: Nicht nur dort. Auch, wenn man in einer Meditationsgruppe eine halbe Stunde lang dasitzen und seine Gedanken beobachten soll. Wer das nicht schafft, wer keinen Sinn in der Tätigkeit sieht, der wird nicht mitmachen. Hier heißt die Antwort, dass man die spirituelle Praxis den individuellen Fähigkeiten anpassen sollte.
SPIEGEL: Was kann man tun?
Götz: Sich selbst nicht unter- oder überfordern. Wer noch nie meditiert hat, muss es nicht gleich mit einer Stunde versuchen. Man kann langsam beginnen und sich steigern. Und für die Anleitenden ist es wichtig, immer wieder zu vermitteln, was der Sinn der Übung sein soll. Nicht, indem sie plump vorgeben, wozu das alles gut ist, sondern im Gespräch und mithilfe von Nachfragen. So kann man herausfinden, wo die Erwartungen der einzelnen Menschen liegen. Ein Satz wie »Schließ’ die Augen und beobachte deine Gedanken« ist nur hilfreich, wenn man weiß, warum man so etwas tun sollte.