zondag 6 november 2016

Een nare plek in het gehucht Dornberg


Het zal je maar gebeuren. Je wil vrienden bezoeken en het huis voelt van geen meter. Ik heb totaal geen drang om naar binnen te gaan. Nadine doet het wel maar vind het ook maar niks.
Na het de bewoonster  mijn waarnemingen vertelt te hebben, bezoek ik het voor een tweede maal. Analyse; een bezet huis en geen subtiele elementen meer te bekennen.  Oorzaak; rond 1500 is hier een strijd geweest waarbij enkele doden zijn gevallen.  Een waar bloedoffer aan de nederwereld. Hier woonde ook iemand die met het linkerpad bezig was en de oorspronkelijke kwaliteit betoverde en de plaats draken heel verstoord maakte.  De oorspronkelijkheid was hier Oer vrouwelijk zoals vrijwel oude hoven op goede plekken werden gebouwd met vuurlicht in de aarde. 

Het kostte wel wat tijd om deze oorspronkelijkheid weer te laten stromen maar het was het wel waard.

Locality deficit syndroom


Eer het Oude

En omarm het komende

en grond het op de plek lokaliteit


Wie kent nog de overlevering in zijn eigen familielijn. Bij velen ontbreekt vaak zelfs de vaderlijn en laat staan de kennis en bijzonderheden van zijn eigen familieverleden, dat best traumatisch kan zijn voor de persoonlijkheid maar een oplossing kans geeft voor de ziel.

Als kind groeide ik op op een boerderij waar m’n familie al vanaf begin 1800 in woont, langs het riviertje de Giessen. In het westelijk deel woonden twee zusters van m’n vader’s vader. De ene is 94 en de ander 96 jaar oud geworden. De jongste was nog nooit buiten de locale gemeenschap geweest en altijd bewoonster van haar geboorteplek. Beiden hebben nooit geld verdient en leefden van kost en inwoning. Toen ze AOW kregen wisten ze daar geen raad mee. Deze oudjes wisten alles van hun voorgeslacht. Zelfs dat de boerderij in 1709 was afgebrand. En dat de Fransen hier waren en verdreven werden door de Kozakken en dat de vrouwen achter de polder in moesten vluchten om te ontkomen aan deze ‘wildemannen’ die sliepen buiten aan de zij van hun wilde paarden.

In het dorp had ik veel kontakt met twee oude timmerlieden: de zeer vrome Jantje Antiek en Kees den Toom, die ook strijker was. Jantje Antiek had gouden handen en kon een molen bouwen, een huis bouwen en klokken maken. Hij had een herinneringen vermogen –grote opsluiting-  en kon bijna woordelijk herinneren wat zijn grootvader tegen hem heeft verteld. Zodoende wist ik veel over de lokale gemeenschap die hier aan het eind van de 19e eeuw leefde. Van elk huis wist ik bepaalde ins en outs die ik later in m’n artikelen voor de geschiedkundige vereniging schreef.

In m’n latere vakgebied Gaialogie is kennis van de lokaliteit en het verleden van levensbelang. Immers kwaliteiten van plekken worden bepaald door de oer kwaliteit van de plek maar vooral door de bewoningen geschiedenis. (Onverwerkt)verleden werkt door in het energie lichaam van de plek.

Ook in de familielijn kan het onverwerkte doorwerken in het nu, zoals bepaalde erfelijke ziekten of gedrags patronen zich manifesteren in het nageslacht. 

Kennis van de familielijn met kennis van de lokaliteit geeft een sterke verbondenheid met een plaats. Deze kennis is nodig om mede te begrijpen waarom je hier op aarde op die plek, bij die mensen, in dat tijdvak bent geïncarneerd in de stof. Vaak heeft dat ook betrekking op wat onverwerkt op die plek.

Laats had ik dat bij een bezoek aan een huis van een heilpraktiker in Wunsiedel. Toen ik door de tuin heen liep, kreeg ik een onaangenaam gevoel in m’n rechtervoet. Daar zat wat in de ondergrond; een vermoorde ziel.  Rond 1500 werd een man daar vermoord en een deel van z’n ziel leefde voort in de ondergrond. . De negatieve vuurplek bewoont door een gevangen gezette draak zorgde  bij de nabij wonende dwergen voor angst. 
De bevrijde ziel ging later uit de grond weg en raad je waarheen; naar de  mannelijke hoofdbewoner van het huis. Die had al meer dan 23 jaar last van slapeloosheid.

Kennis van een plek kunnen de oude bewoners geven, doch ook de subtiele werelden, die daar soms al lager wonen dan de mensen.
Laatst was ik aan het wandelen langs de Roslau en ontdekte een meer dan 200 jaar oude eik met zeer wijde taken aan de stam. Zittend tegen de stam vertelde de boom me dat haar wezen duizenden jaren oud was en het  kon zelfs wat vertellen over de bouwheer van m’n 17e eeuwse boerderij. Ook wist het nog oudere feiten te vertellen over het linden heiligdom waar nu de lutherse kerk staat en dat christenen het hebben omgehakt en verbrand.

Nu wonen veel mensen in stedelijke gebieden verstoken van traditie, lokaliteit., plek en aarde contact.  Een gegeven wat past bij de ontworteling van de modern mens en de vermaterialisering van de tijd; letterlijk gevangenschap Men weet niet meer bewust waarom men hier is en wat te doen.

Gelukkig zijn er nog volkeren die hun woongebieden en heilige plaatsen beheren en behoeden en de oude lokaliteiten kennis doorgeven aan hun kinderen.

Je hebt dus menselijk overgebrachte kennis en subtiel overgebrachte kennis. Het laatste blijft altijd op een plek al of niet verhaald door subtiele wezens. Het  lezen van het subtiele plaatsboek is m’n vak wat zeer spannend is!

Gemeenschappen die zich ergens vestigden hebben immer rekening gehouden met het plaatsgeheugen en daar een bepaalde verhouding mee gezocht.  Dat geldt nog steeds waarbij een extra factor komt van de nieuwe instroom van deze tijd.


Wil je meer weten; kom eens bij een informatieve avond of activiteit van een nieuwe leergang, die in maart weer begint..

zaterdag 5 november 2016

Muntjes magie

Muntjes magie onder huisopeningen
Deze week was ik bij vrienden in hun boerderij en die vertelden het volgende. Bij de verbouwing troffen ze onder meerdere vensterbanken en binnendorpels muntjes aan. Muntje uit de 2e W.O. van enkele penningen. Niet van enigerlei waarde maar symbolisch van aard. Een vorm van bouwmagie om de openingen in het huis te beschermen tegen indringing.  Totaal vonden ze een zevental muntjes. Het huis is rond 1900 herbouwd op een oudere bouwplek en in de 2e W.O. zijn de ramen en deuren vernieuwd. De man vertelde ook dat het nog steeds een gebruik is bij de scheepsbouw om onder de mast een muntje te leggen voor de behouden vaart.

„Für die Geister und Seelen  der Schwellen in meinem Haus,schicke  ich diese Gaben, welche  mich (uns) beschützen  vor allem Bösen,
Tag ein und Tag aus.

Scheepsmagie
Deze ceremoniële handeling verwijst naar het aloude gebruik om muntstukken onder scheepsmasten te leggen. Deze traditie dateert al uit de Romeinse Oudheid. Diverse archeologische vondsten van scheepswrakken uit dit tijdsbestek duiden hierop. Deze traditie is tot de dag van vandaag in zwang.

In de afgelopen jaren zijn in binnen- en buitenland op replica’s van oude schepen zoals de Oost-Indiëvaarders Batavia te Lelystad of de Götheburg in Zweden, munten onder de masten geplaatst. Maar ook bij moderne vaartuigen als het Amerikaanse vliegkampschip USS Carl Vinson, of het Landing Platform Dock USS San Antonio zijn recentelijk munten aangebracht onder bijvoorbeeld hun Advanced Mast/Sensor System (AEM/S). Een traditie overigens, die bij de US Navy teruggaat tot het eind achttiende-eeuwse fregat USS Constitution.

Voor de oorsprong van dit gebruik worden diverse redenen aangedragen. De Britse marinehistoricus W.N.T. Beckett meent dat het wellicht een afgeleide is van het gebruik in de oudheid overledenen een muntstuk in de mond mee te geven. Dat geld diende om de veerman Charon te betalen om de zielen van gestorvenen over de onderwereldrivier Styx te varen naar de Hades, het dodenrijk. Op soortgelijke wijze zouden onder masten geplaatste munten aan de opvarenden van het betrokken schip, wanneer het met man en muis verging, de zekerheid bieden naar de Hades te worden overgezet. 

Andere historici menen dat munten onder scheepsmasten werden aangebracht om zo geluk voor het schip en de bemanning af te dwingen. Nederlandse bronnen verwijzen naar het bespoedigen van een fortuinlijke vaart. Recentelijk in antieke scheepswrakken in Groot-Brittannië onder masten gevonden muntstukken spreken in dit geval voor zich: met de muntzijde naar boven staat de tekst “Op het grotere geluk voor de keizer”, terwijl de ander met de kopzijde de godin Fortuna toont die een scheepsroer vasthoudt. Wat de exacte oorsprong van het plaatsen van muntstukken in een schip ook zijn moge, het geeft aan dat scheepsbouwers en zeelieden, ook in moderne tijden, gevoelig zijn voor traditie, ritueel en symboliek.



bron: https://www.defensie.nl/actueel/nieuws/2009/09/22/oude-traditie-munt-onder-mast

Bevruchting

Vandaag bracht een gezand een steen van Japans heiligste berg Mount Fuji. Bij de gang naar boven trof de persoon de steen aan in de buurt van een Sjinto tempel net voorbij het vijfde station. De steen bood zich aan om meet e reizen.  De vuistgrote steen heeft nu een aparte plaats in de stiltekamer. Het heeft een zwart omhulsel en een heel lichte kern en geeft een aparte rust. In de aarde stilte kamer verbindt het nu met de lokale zwart-wit stilte, die binnenkort belevendigt wordt door de zwarte percht, een aspect van de zwarte godin. Enkele zwarte aardwezens van 30/40 cm hoogte kwamen heel belangstellend poolshoogte nemen. Het lichtwezen ging even uit de steen en zweefde door de ruimte.  Een mooie bevruchting met iets heel ver weg.

Interessant dat hij vertelde dat de sjintoisten worden geraadpleegd over zaken die het leven aangaat en de boeddhisten als het gat om sterven en dood

wat gedachten over het fenomeen 'tijd'

De Britse natuurkundige en schrijver Julian Barbour werd meer dan 50 jaar geleden gegrepen door de vraag wat tijd nu eigenlijk is en sindsdien liet het onderwerp hem niet meer los.
Hij wijst erop dat tijd altijd door je vingers glipt. Hoewel mensen zeker denken te weten dat tijd bestaat, kunnen ze het niet vastpakken. “Dat komt omdat tijd niet bestaat,” klinkt het.
Met zijn theorie dat tijd niet bestaat begeeft hij zich op het grensvlak van twee grote natuurkundige theorieën: de algemene relativiteitstheorie van Albert Einstein en de kwantummechanica.

Sinds jaar en dag proberen natuurkundigen beide theorieën met elkaar in overeenstemming te brengen in de hoop één allesbeschrijvende theorie voor het heelal te vinden.
Barbour spreekt van de illusie van tijd. Net als de Griekse filosoof Parmenides ziet hij ieder moment als één geheel. Elk moment vindt plaats in het ‘nu’.
Ieder moment in het ‘nu’ kan worden gezien als een willekeurige pagina die uit een boek is gescheurd.
Door de pagina’s in een bepaalde volgorde te leggen wordt het verhaal duidelijk. Toch blijft iedere pagina een afzonderlijk geheel.

Tijd is volgens Barbour een hinderlijke illusie. “Tijd als zelfstandige entiteit bestaat niet, zij is het uitvloeisel van verandering in de fysieke wereld,” zegt hij.
Als Einstein zich meer had verdiept in de ware aard van de tijd, had hij mogelijk ook meer begrepen van de kwantumtheorie waarmee hij zijn hele leven worstelde, aldus Barbour.
Bekend zijn de raadsels van de kwantumtheorie, waarin bijvoorbeeld deeltjes op enorme afstanden zonder enig tijdverlies lijken te communiceren en waarin deeltjes op meer plaatsen tegelijk kunnen zijn.
Die raadsels vloeien volgens Barbour voort uit ons foutieve beeld van ruimte en tijd. In zijn wereldbeeld bestaan alle mogelijke gebeurtenissen tegelijk.
[Epoch Times]
bron; http://www.ninefornews.nl