Vandaag waren we op bezoek aan de Boheemse stad Eger (Cheb) en had ik deze bijzondere ervaring. Zittend op een terras aan het mooie middeleeuwse stadsplein kwam de vraag op : kijk eens in de aarde? Ik nam subtiel waar dat daar de Oer-Godin zit omgeven door Tegenkrachten met bovenin haar een klein Lichtveld. Dat Etherisch geladen veld zat in de vroege Middeleeuwen aan de stads oppervlakte, toen dit gebied een groot Slavisch heiligdom was. De daarin levende Lichtaarde-elementalen (de opbouwende krachten) zijn later verdreven naar de onder-Aarde waar de Grote Godin nog steeds leeft boven een rijk Lichtveld gevoed vanuit het Aarde-Centrum. Deze Licht-elementalen leefde voor een kwart van Aarde-Licht maar voor driekwart van de Eer-Lichtkracht van de mensen. De Slavische priesteressen waren hun hoeders: de Vrouwen eerden ons en dat deed goed. Ze voeden ons en gaven ruimte. We willen dat weer! Je zou kunnen zeggen een wederzijdse afhankelijkheids gebeuren ook wel een symbiotisch relatie. De ene kon niet zonder de ander. Mijn metgezellin N. ging van deze zuivere trilling sfeer in haar hart ‚zingen‘, een subtiel geluid gevend dat vervolgens in druppel opsteeg naar boven. Het centrale stadsplein van Eger (Cheb) – tegenwoordig bekend als Náměstí Krále Jiřího z Poděbrad – is ruim 900 jaar oud. De eerste fundamenten voor de marktplaats werden gelegd aan het begin van de 12e eeuw. Nadat er rond het jaar 1125 een stenen burcht werd gebouwd, ontstond in de directe beschutting daarvan een permanente marktgemeenschap. Dit vormde de directe basis voor het huidige, langgerekte stadsplein. Verstoring door Frankische indringing Toen de RK religie met de invasies door Karel de Grote hier in de 9e eeuw kwam werd het heiligdom verstoord en de Eercultuur verdrongen en de subtiele oppervlakte sferen verdreven en zoals zo vaak gebeurde, ging het de Aarde in, naar de nederwerelden. (zie noot 1) Hoe verder? Maar wat nu te doen? Ik kan ze nu niet blijvend eren en in de stad heeft daarvoor een te klein menselijk bewustzijnsveld? Dus ik geef het door aan de Grote Natuur. Plots zie ik de belevendigde sfeer opstijgen naar boven, de Ruimte in waar het een nieuw onderkomen gaat krijgen. N. was van slag dat deze sfeer een andere plek kreeg. Ze wilde het graag hier blijven ontmoeten, maar helaas daar is geen ering meer. Haar verdriet kwam ook voort uit het gegeven dat ze hen vergeten heeft, een taak verzaagt hebbend. Een oude nostalgie naar een sfeer samenwerking, die er nu niet meer is in deze middensfeer. Het Aarde-Licht wordt hier niet meer geeerd en Het zegt me: laat het voor andere tijden. Vervolg vraag Later komt een tweede vraag op: wat te doen met deze werkelijkheid? Ik antwoord: dit is een gestolen stad, waar de mensen uit zijn gestuurd.(zie noot 2) Ik eer deze voormalige Rijksstad met haar geparkeerde oude sferen. Laat het Bewustzijn van toen deze stad weer verder moge laten bloeien en de mensen meenemen op hun reis. Een gezegende toekomst gewenst. Ik realiseer me dat deze stad nu geen uiterlijke spirituele taak heeft, zoals eens voor de christianisering het een Eerplek was (80%). Nu maar 10% ering maar over 20 jaar weer 70%. Wat komt er dan op ons af? Noten. 1.De veldtochten tegen de Slaven (Wenden) De veldtochten tegen de heidense Slaven (in historische bronnen vaak de 'Wenden' genoemd) speelden zich deels af onder Karel de Grote begin van de 9e eeuw (de jaren 800 tot 814, maar bereikten hun gewelddadige hoogtepunt pas eeuwen later (in de 12e eeuw) tijdens de zogenaamde Wendische Kruistocht (1147): -Vernietiging van heidense heiligdommen: Slaven hadden grote, prachtig versierde houten tempels en heilige bossen waar zij hun goden (zoals Svantovit) aanbaden. Christelijke legers hebben deze tempels systematisch geplunderd, priesters verdreven en de enorme godenbeelden in het openbaar in stukken gehakt of verbrand om te bewijzen dat de heidense goden machteloos waren. -Vervolging van dienaren: De heidense tempelpriesters (de dienaren van de goden) verloren hun status, werden verdreven, gevangengenomen of gedood als zij zich bleven verzetten tegen de nieuwe christelijke orde. -Plunderingen en hongersnood: De tactiek tegen de Slaven bestond vaak uit de 'verschroeide aarde'-tactiek. Christelijke ridders brandden dorpen plat, vernietigden de oogst en slachtten het vee af om de bevolking door honger tot overgave en bekering te dwingen. 2.Naoorlogse deportatie Na de Tweede Wereldoorlog werd vrijwel 90% tot 95% van de oorspronkelijke bevolking van Eger (de historische Duitse naam voor de Tsjechische stad Cheb) uit de stad verdreven door de Tsechen. De stad Eger/Cheb was een nagenoeg volledig Duitse stad. Volgens historische gegevens en volkstellingen was ruim 95% van de inwoners Duitstalig (Sudetenduitsers) De verdrijving (1945–1947) Op basis van de Benes-decreten en de afspraken van de Conferentie van Potsdam werd de Duitse bevolking na de capitulatie van nazi-Duitsland gedwongen onteigend en massaal gedeporteerd naar Duitsland (hoofdzakelijk Beieren). Slechts een heel klein percentage van de Duitse bevolking (geschat op 5% tot 10% in de regio) mocht blijven. Dit betrof hoofdzakelijk bewezen antifascisten, onmisbare geschoolde arbeiders voor de lokale industrie of personen uit gemengde gezinnen. De herbevolking van Eger (vanaf toen officieel Cheb genoemd) en de rest van het Sudetenland was een enorme, gecoördineerde migratie-operatie van de Tsjechoslowaakse overheid. Omdat de oorspronkelijke bewoners vrijwel allemaal waren verdreven, werd de stad gevuld met een zeer diverse en multiculturele mix van nieuwe inwoners. Omdat deze groepen uit alle windstreken kwamen en geen historische band hadden met de stad, ontstond er in Cheb een compleet nieuwe, ontwortelde samenleving. Dit leidde in de eerste decennia na de oorlog tot sociale uitdagingen, aangezien de nieuwe bewoners de lokale tradities niet kenden en veel historische (Duitse) gebouwen en kerken in de regio verwaarloosd raakten. Deze ontheemde stad voelt nog steeds ontheemd.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten