Henk Helmantel, wie is hij en wie was hij en waarom woont hij daar in Westeremden en wat is de relatie met zijn broer Emo en de bouwmeester hendrik....
Tentoonstelling van werken Helmantel in klooster Ter Apel
"De gevierde kunstenaar Henk Helmantel (81) adoreert kloosters en kerken. Het klooster in Ter Apel heeft altijd een speciaal plekje in zijn hart gehad. Het is één van de drie plekken die voor hem als thuis voelen, vertelt hij.
Hij weet het nog goed. Als jongen van tien hing hij aan de lippen van zijn schoolmeester, meneer Velema. Toen die vertelde over het klooster in Ter Apel: „Had ik oren op steeltjes.”Als hij een jaar of vijftien is, stapt hij in Westeremden op de brommer en rijdt naar Ter Apel. Het is een rit van zo’n twee uur. „Wat een plek en wat een gebouw! Ik herinner mij nog de reuk van de kalk.” Hij laat zich uren bevangen door het eeuwenoude bouwwerk met haar dikke muren, hoge vensters en dwaalt door het omringende bos.
Tijdens zijn opleiding aan de Academie Minerva komt hij vaak voor inspiratie en oefening naar het klooster. Hij ontdekt naar eigen zeggen de schoonheid van de kerkelijke bouwkunst. In dit Kruisherenklooster voelt hij de kracht van de eenvoud: er is geen afleiding of opsmuk. „Dan ging ik buiten tegen een oude eik zitten, en maar tekenen.”
De moderne aanbouw uit 2002 komt pas decennia later. Die stelt hem teleur. Hij had het liever in namaak-historie gezien. ’Misschien is dat wel verlakkerij, maar dat was wel passend geweest’, vertelt hij meer dan twintig jaar na de bouw aan de huidige directeur van het museum, Marjan Brouwer.
Hij exposeerde drie keer eerder in het museum. Twee van zijn werken hangen permanent in het klooster en er staat ook een middeleeuwse zetel die het klooster in bruikleen heeft (die is te oud om nog op te kunnen zitten). Maar zijn kunst mocht van hem nooit in het nieuwbouwdeel hangen. Tot nu.
Het museum koos ervoor om in de westvleugel, het nieuwe deel, stillevens op te hangen. Het zijn objecten zoals de laatste bewoners van het kloostergebouw, de voormalig prior Johannes Emmen en zijn vrouw en dochter, gebruikt zouden kunnen hebben in de zeventiende eeuw.Even later vertelt Helmantel aan geïnteresseerd publiek dat hij inderdaad geen liefhebber is van de westvleugel. „Maar de manier waarop jullie het hebben gedaan, heel mooi.” Complimenteert hij het personeel en de vrijwilligers. Helmantel grapt: „De nieuwbouw is er enorm van opgeknapt.”
Helmantels werken van eeuwenoude kerkgebouwen hangen juist tegen de oude muren van het kruisherenklooster. Kijkend vanaf de kloostergang biedt het fotorealistische werk, hangend aan de kloostermoppen, haast een doorkijkje naar andere kerkgebouwen: het klooster in Ter Apel als kijkdoos door Europa.
Helmantel bezocht meer dan honderd kloosters en kerken op het continent, vertelt hij. Bij sommige was de bouwkunst boven zijn verwachting, bij andere stelde die juist teleur. Hij ging niet op zoek naar de pracht en praal, maar juist naar de stille plekjes. „Die stiltes, de kleine hoekjes waar je nog een gebed kunt doen. Niet dat kathedrale, ik hou meer van de eenvoud dan de pronk.”Hoewel zijn werk zeer realistisch is, is het niet de realiteit, benadrukt hij. „Ik snap dat het gezegd wordt dat de schilderijen fotorealistisch lijken, maar het zijn geen foto’s. Kijkend naar de ruimte, moet je soms dingen naar je hand zetten.” Een meubelstuk aan de kant, een pilaar net wat opschuiven. Of misschien juist wat meer of minder lichtval dan in het echt. Helmantel vat het samen als: „Ik ben weleens aan het verbouwen in de kerk.”
Expositie. De expositie bestaat uit 22 grotere en kleinere schilderijen, wisselend tussen kerk- en kloosterinterieurs en stillevens. Daarnaast toont Museum Klooster Ter Apel tien heiligbeelden uit de kerkelijke verzameling die Henk Helmantel samen met zijn vrouw Babs heeft verworven.De tentoonstelling loopt tot 14 maart 2027. Het museum is geopend elke dinsdag tot en met zondag van 11.00 uur tot 17.00 uur. In juli en augustus is het klooster ook op maandag open."
bron: https://www.dvhn.nl/regio/groningen/waarom-de-nieuwe-expositie-van-henk-helmantel-in-museum-klooster-ter-apel-zo-bijzonder-is-ik-herinner-mij-nog-de-reuk-van-de-kalk/157898641.html
EN:
Prior incarnatie Helmatel
Mijn visie is dat hij Johannes Emmen incarnatie is, die van 1584 tot 1603 de zevende en allerlaatste prior van dit klooster was en een opvallende rol heeft gespeeld in de geschiedenis van Groningen? Toen de protestanten het gebied veroverden en de Reformatie een feit werd, hield het katholieke klooster op te bestaan. De Staten Generaal gaven Emmen in 1603 toestemming om te trouwen. In 1604 stapte hij officieel over naar het protestantse geloof en werd hij de allereerste dominee (predikant) van de kloosterkerk ter Apel.
Relatie met Ado en Emo
En daar is nog meer over hem te vertellen want hij woont niet voor niets op de oude weem/pastorieplek in Westeremden. De broer van Emo van Wittewierum, Addo.
Samen met Emo trok hij rond het jaar 1200 naar het buitenland om te studeren aan de universiteiten van Parijs, Orléans en Oxford. Ze verdienden daar hun geld door dikke studieboeken met de hand over te schrijven. Historici hebben over hun samenwerking de volgende feiten vastgelegd
-De praktische broer: Emo vond sterrenkunde en rekenen heel interessant. Addo was praktischer ingesteld en vertelde zijn broer dat hij daar "geen droog brood" mee kon verdienen. Hij gaf Emo het advies om over te stappen naar (kerkelijk) recht, wat beter was voor zijn carrière. Addo staat in de geschiedenisboeken bekend als de verstandige, zakelijke oudere broer. Terwijl Emo een dromerige wetenschapper was die graag naar de sterren keek, hield Addo de realiteit in het oog. Zonder het praktische advies van Addo om rechten te gaan studeren, was Emo waarschijnlijk nooit zo'n invloedrijke abt en jurist geworden
-Zijn latere werk: Na hun grote studiereis keurden de broers terug naar Groningen. Addo werd toen pastoor in Westeremden en was de formele baas van de parochie. Toen Emo na hun gezamenlijke studiereis met hem meeging, stichtte Emo onder Addo's hoede de parochieschool van Westeremden. Dit was de allereerste dorpsschool van Noord-Nederland, voordat hij zelf pastoor in Huizinge en later de beroemde abt van het klooster Bloemhof in Wittewierum werd.
-Net als Emo stamde Addo waarschijnlijk af van een rijk en machtig Gronings hoofdelingen- of adellijk geslacht uit de streek Fivelingo. Alleen rijke families konden het zich in die tijd veroorloven om twee zonen tegelijk naar topuniversiteiten in Parijs en Oxford te sturen.- Emo sporen zijn vandaag de dag nog steeds te vinden: de Abt Emmoschool in Westeremden is vernoemd naar de school die Emo destijds oprichtte bij de kerk van zijn broer Addo. En Addo woont weer terug op zijn oude prie
Emo, eerste abt van Wittewierum. De schrijver wordt genoemd in de eerste zin van het naschrift van Menko (de schrijver van het eerste vervolg) bij de kroniek: Cronica ista cum moralibus opusculis, que ad ingenium exacuendum, vitam ac mores informandos inseruntur usque ad locum istum conscripsit magister Emo, primus abbas et fundator Floridi Orti. Emo werd c.1175 geboren in de Groninger Ommelanden (Fivelingo?). Hij studeerde, te zamen met zijn broer Addo, te Parijs, Orléans en Oxford. Te Oxford vooral heeft Emo zijn kennis van het canoniek recht opgedaan. Teruggekeerd in zijn geboortestreek werd hij hoofd van een school te Westeremden. Na enige tijd werd hij pastoor te Huizinge en verkreeg hij de geestelijke wijdingen. Omstreeks 1209 trad Emo in in het door Emo van Romerswerf gestichte klooster bij Holwierde, waarvan hij de leiding kreeg. Het klooster werd opgenomen in de premonstratenzer orde. Na enige jaren trokken de monniken naar een nieuw kloostergebouw te Wittewierum, Bloemhof geheten. Emo is daar in 1237 gestorven.
Ynskje Penning-van Staalduinen deed vier jaar onderzoek naar abt Emo en schreef de historische roman: Emo’s Labyrint. Zij is tevens beeldhouwer en maakte in 2024 het beeld van abt Emo dat in december 2024 werd onthuld. De oude onvervulde geliefde van Emo, die hem op meesterlijke wijze uitbeelde en de beeltenis gelijkt sprekend op de huidige incarnatie van Emo!
Herbouw van zijn eigen 13e eeuwse stenen pastorie
De bekende Groningse kunstschilder Henk Helmantel heeft tussen 1974 en 1981 de historische pastorieboerderij De Weem in Westeremden op spectaculaire wijze herbouwd op de oorspronkelijke middeleeuwse fundamenten. Een 'weem' is de Oudgroningse naam voor een pastorieboerderij, precies de plek waar de middeleeuwse pastoor Addo (de broer van Emo) rond het jaar 1200 heeft gewoond en gewerkt.
De oorspronkelijke middeleeuwse weem stamde uit de 13e eeuw, maar werd in 1913 afgebroken. In 1914 werd er een moderne directievilla voor de dominee neergezet. Toen Henk Helmantel deze villa in 1967 kocht, ging hij in de tuin spitten. Tot zijn grote verrassing stuitte hij op de eeuwenoude, dikke funderingen van de originele middeleeuwse pastorie. Dit bracht hem op het gedurfde idee om de geschiedenis tot leven te wekken en de oude weem in zijn oorspronkelijke glorie te herstellen.
Vandaag de dag geldt De Weem als het mooiste voorbeeld in Nederland van hoe een middeleeuwse plattelandspastorie eruit heeft gezien. Het gebouw heeft nu verschillende functies.
- Woon- en werkplek: Helmantel woont hier met zijn vrouw Babs en heeft er zijn schildersatelier.
-Het Museum: Sinds 1985 is de grote boerenschuur ingericht als Museum Helmantel. Duizenden bezoekers komen hier jaarlijks kijken naar zijn beroemde, fotorealistische stillevens en schilderijen van oude kerkinterieurs.
-De Tuin: Rondom het gebouw ligt een prachtige, historische tuin vol met zogeheten stinzenplanten (eeuwenoude, beschermde bloemsoorten die vroeger vaak bij burchten en kloosters werden geplant).
Het gebouw staat op de wierde, direct tegenover de middeleeuwse Andreaskerk, waardoor dit unieke stukje geschiedenis van Addo en Emo weer helemaal compleet oogt.
Drie waarvan twee een bevriende relatie hebben.
En beide broers leven nog in de 21ste eeuw alleen hebben ze elkaar nog niet in levende lijve ontmoet! En schrijver dezes kent beide broers, de ene is 81 en de ander wordt 80- van toen en was in die 13e eeuw 'Hendrik de bouwmeester'. Ik kende Emo die woonde op de borg in Leens, waar ik naast geboren was. Daar is veel over te vertellen over deze Hendrik en zijn pad in het Groningse landschap van kerken en kloosters.
Het kan eeuwig verkeren met sterke oude tijds bindingen met plek, gebied beroep en oude bekenden! Een voorbeeldige tijd toe en nu...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten