vrijdag 13 september 2024

dat de 34ste overstroming van de Alblasserwaard komt is zeker, alleen het momentum is immer onverwacht

 

Burgemeester Segers ziet reëel risico overstroming in Alblasserwaard: ‘Te lang hebben we gezegd: ‘Gaat u rustig slapen’’


13.9.2024
https://www.hetkontakt.nl/alblasserwaard/nieuws/399213/burgemeester-segers-ziet-reeel-risico-overstroming-in-alblass

MOLENLANDEN • Een overstroming in de Alblasserwaard gaan we nog een keer meemaken. Inwoners zijn daar nog veel te weinig op voorbereid. Die boodschap klonk donderdag in de Molenlandse raad.

Als de dijk doorbreekt bij Kinderdijk, staat er binnen een paar minuten ruim twee meter water in Nieuw-Lekkerland. Harry Stam (ChristenUnie) schetste dat beeld bij zijn inbreng. “Er wordt gesteld dat een derde van de inwoners een noodpakket heeft, maar ik denk dat dat percentage veel lager ligt. Het zou goed zijn om dat mee te nemen in een campagne om mensen op de hoogte te brengen van de risico’s van een overstroming.”

Hij kreeg bijval van Maarten Klink (CDA), die de illustere burgemeester Schakel noemde. “Tijdens de Watersnoodramp in 1953 nam hij de plek van de dominee op de kansel in om de bevolking op de hoogte brengen. Maar hoe is het nu? Volgens weet niemand wat te doen of waar men heen moet bij een evacuatie.”

‘De 34e overstroming gaat een keer komen’

Burgemeester Theo Segers stelde het risico van een overstroming serieus te nemen. “Er zijn in het verleden 33 overstromingen geweest. De 34e gaat een keer komen, al kan het nog wel lang duren. Te lang hebben we gezegd: ‘Gaat u rustig slapen, wij zorgen voor u.’ Dat kunnen we niet meer waarmaken. Wij moeten Molenlanden bekend maken met de risico’s die er zijn.” 

De vraag is dan: wie doet dat? Burgemeester Segers kijkt daarvoor als eerste naar de landelijke overheid. “Maar als niemand thuis geeft, komen wij er bij u op terug. Dat gaat zeker geen jaren duren. En we doen al het nodige. Zo spreek ik samen met mijn collega van Hardinxveld-Giessendam binnenkort enkele bedrijven die materiaal beschikbaar kunnen stellen bij een dijkdoorbraak.”

donderdag 12 september 2024

bronstijd cultus voorwerpen

 

Beroemde Bronstijd-zwaarden hebben zelfde metaalsamenstelling

Zwaardengroep ‘Plougrescant-Ommerschans’ te zien in Leiden
Zwaard van Ommerschans op een campagnebeeld voor de Bronstijd-tentoonstelling
Zwaard van Ommerschans op een campagnebeeld voor de Bronstijd-tentoonstelling (RMO)

In een grote tentoonstelling van het Rijksmuseum van Oudheden over de Bronstijd zijn vanaf half oktober zes vrijwel identieke bronzen zwaarden te zien. Het gaat om de zwaardengroep ‘Plougrescant-Ommerschans’, bestaande uit zes grote zwaarden uit de Europese Bronstijd (1500-1100 v.Chr.) die zijn gevonden op verschillende locaties in Nederland, Engeland en Frankrijk.

Zwaard van Jutphaas, gevonden in de buurt van Nieuwegein
Zwaard van Jutphaas, gevonden in de buurt van Nieuwegein (CC BY-SA 2.0 – Urville Djasim – wiki)
De zwaarden zijn recent intensief bestudeerd door een internationaal team van wetenschappers. Onderzoekers gebruikten geavanceerde technieken zoals XRF-analyse en neutronenonderzoek om meer te weten te komen over de herkomst en betekenis van de zwaarden. De resultaten laten zien dat de zwaarden een gedeelde metaalsamenstelling hebben, maar dat elk zwaard uit een unieke mal is gemaakt. Het museum:

Het gaat dus om uiterst nauwkeurige kopieën van elkaar: je kunt de een niet maken zonder de ander te kennen. Vanwege het enorme formaat, het ontbreken van een greep en de ongeslepen snede zijn deze zwaarden niet geschikt om mee te vechten.

De zwaarden worden daarom gezien als rituele objecten, die mogelijk gebruikt werden voor offers aan goden of voorouderverering in moerassige gebieden.

Kostbare voorwerpen van brons werden volgens prehistorische traditie opzettelijk achtergelaten of geofferd aan voorouders of goden in ‘natte’ gebieden, zoals moerassen, rivierarmen en venen.

Het onderzoek toonde verder aan dat de vorm en de lijnversieringen op de zwaarden op een opvallende manier verwijzen naar dolktypes die meerdere eeuwen ouder zijn. De uitkomsten van het onderzoek naar de samenstelling van de zwaarden ondersteunt een datering van de zwaarden middenin de bronstijd, rond 1400 v.Chr.

Vuursteentjes en schaafstro

Het bijna zeventig centimeter lange Ommerschans-zwaard, dat in 1896 werd gevonden in Overijssel en in 2017 werd aangekocht door het Leidse museum, is een van de meest bijzondere stukken. Rond dit zwaard zijn namelijk ook andere voorwerpen gevonden, waaronder bronzen en stenen gereedschap, vermoedelijk gebruikt voor de vervaardiging van de mal van het zwaard. Kleine vuursteentjes zouden zijn gebruikt bij het polijsten van het brons. Onderzoekers vonden tevens sporen van verkoold schaafstro (Equisetum hyemale), een plant die mogelijk ook gebruikt werd om het brons tot een goudglanzend oppervlak te polijsten.

De publicatie 'Larger than Life'
De publicatie ‘Larger than Life’
Archeobotanicus Corrie Bakels (Universiteit Leiden) maakte een reconstructie van het veenlandschap waarin het zwaard van Ommerschans destijds is achtergelaten, nu in het noorden van Overijssel. Daaruit blijkt dat op deze plek een droge passage was, langs hoger gelegen zandruggen tussen de voorlopers van de rivieren Vecht en Reest. In de tweede helft van het tweede millennium voor Christus, de periode waarin het zwaard werd gedeponeerd, dreigde die door veengroei te verdwijnen. Het zwaard lag op de plek waar de passage het smalst was en waar dat als eerste zou gaan gebeuren.

De wetenschappelijke bevindingen zijn samengebracht in de publicatie Larger than Life. The Ommerschans hoard and the role of giant swords in the European Bronze Age (1500-1100 BC), onder redactie van archeologen Luc Amkreutz en David Fontijn. Het boek, dat de resultaten van vijf jaar onderzoek samenvat, werd voltooid vlak voor het overlijden van Fontijn in 2023.

De zwaardengroep is van 18 oktober 2024 tot en met 16 maart 2025 te zien in de Bronstijd-tentoonstelling in Leiden.

oude friese teksten Boven Water

 

Oudfriese teksten gevonden in Oostenrijk: 

"Je hart slaat ervan over"

Een afbeelding van de Oudfriese teksten
© Österreichische Nationalbibliothek
In Oostenrijk zijn twee bijzondere Oudfriese fragmenten gevonden. Ze zijn meer dan vijfhonderd jaar oud.
Oudfries werd tot de zestiende eeuw gesproken in noorden van Nederland en in Noordwest-Duitsland. Eén van de twee teksten stamt uit het begin van de veertiende eeuw.
"Wij wisten niet van het bestaan hiervan af", zegt Rolf Bremmer, emeritus hoogleraar Fries. "Je hart maakt een sprongetje, dit is zo bijzonder."
Het laat zien hoe een gemeenschap in elkaar steekt.
Rolf Bremmer over de oude wetteksten
De gevonden fragmenten zijn pagina's met juridische teksten. "Je kunt je afvragen wat daar zo mooi aan is", zegt Bremmer. "Maar het laat zien hoe een gemeenschap in elkaar steekt. Dit geeft ons inzicht in het leven, in het gedrag en handelen van mensen."
Dat het juridische teksten zijn is niet zo vreemd: "Dat geldt voor de meeste teksten in het Oudfries."
Bremmer heeft de teksten al gezien, maar voorlopig alleen digitaal. "Het voordeel hiervan is dat je hem kunt vergroten als een passage wat onduidelijk is. Maar uiteindelijk is het toch mooier om er in het echt naar te kijken."

Nieuwe woorden

De vondst werd aangekondigd door de Oostenrijkse professor Robert Nedoma in een toonaangevend wetenschappelijk tijdschrift. Hij vond de teksten in de Oostenrijkse Nationale Bibliotheek in Wenen. Lange tijd maakten ze deel uit van de privécollectie van een voormalig directeur van die bibliotheek.
De teksten laten niet alleen iets zien over hoe mensen in die tijd leefden, maar hebben volgens Bremmer ook een taalkundige waarde. "Er komen weer nieuwe woorden boven water, woorden die we nog niet kenden."
Taalonderzoeker Rolf Bremmer
© Museum Martena
Waar de Oudfriese teksten oorspronkelijk zijn geschreven is nog niet bekend, maar ze komen in ieder geval uit het gebied dat tegenwoordig de provincie Fryslân is.
Bremmer kan het nog iets preciezer zeggen: 'We kunnen aan het dialect zien dat het uit Oostergo komt (grofweg de noordoostelijke hoek van wat nu Fryslân is, red.). Net zoals je nu weet dat iemand die 'saterdei' zegt een Wâldpyk is, hebben de teksten uit die tijd ook kenmerken die aangeven waar de auteur vandaan komt."

Niet voor de sier

Van het Oudfries is niet veel meer over, dus volgens wetenschappers is deze vondst heel bijzonder en een uitbreiding van de kennis over het Oudfries. Het kost nogal wat moeite om ze te lezen, geeft Bremmer toe.
"Het vergt wel wat oefening. Het zijn ook geen volledige teksten, maar fragmenten. Dat betekent bijvoorbeeld: bovenaan is altijd maar een halve regel leesbaar. Uiteindelijk begrijp je wel hoe het werkt. Maar het zijn geen teksten die voor de sier zijn geschreven."

een ningyo – letterlijk ‘mens-vis’, ofwel een zeemeermin

 

Adellijke haarvlechten en ‘echte’ zeemeerminnen: zeldzaamheden in het Mauritshuis


n het Mauritshuis in Den Haag worden voor een bijzondere tentoonstelling ruim 120 objecten bijeengebracht uit het Koninklijk Kabinet van Zeldzaamheden dat tussen 1822 en 1875 was gevestigd op de benedenverdieping van het Mauritshuis. Het was een museum met duizenden objecten van over de hele wereld. De zalen stonden er bomvol. Bezoekers ontdekken in de tentoonstelling allerlei voorwerpen, waaronder sieraden, poppen, vazen, reukflessen, harnassen, wapens, adellijke haarvlechten en zelfs een ‘echte’ zeemeermin. De tentoonstelling Het verdwenen museum (12 september 2024 – 5 januari 2025) biedt ook een andere blik op de rijke, maar vaak complexe geschiedenis en de invloed daarvan op het heden.


Een ander opmerkelijk object in de tentoonstelling is de zeemeermin. Dit monsterachtige wezentje is een ningyo – letterlijk ‘mens-vis’, ofwel een zeemeermin. Het bestaat uit onder andere de staart van een zalm, apenhuid en een hondenkaak. Meerminnen komen al eeuwen voor in de Japanse cultuur en er werden bijzondere krachten aan toegeschreven, zoals het brengen van geluk of onsterfelijkheid. In zowel Japan als in Europa werden ze gretig verzameld en tentoongesteld als bijzonderheden. Door de eeuwen heen hebben Europeanen enorme bedragen betaald voor zogenaamd ‘echte’ zeemeerminnen.

Toen en nu
Na meer dan 60 jaar sloot het Koninklijk Kabinet van Zeldzaamheden in 1883 definitief zijn deuren. Deze sluiting volgde op kritiek over de ‘rommelige uitstraling’ en de ‘onderbelichting van het Nederlandse verhaal’. Hoewel de objecten het Mauritshuis verlieten, bleef de 19de-eeuwse wereldvisie, beïnvloed door kolonialisme en nationalisme, bestaan. In de tentoonstelling reflecteert het Mauritshuis van nu op dit verleden: is het verdwenen museum écht verdwenen?

https://erfgoedstem.nl/adellijke-haarvlechten-en-echte-zeemeerminnen-zeldzaamheden-in-het-mauritshuis/?utm_source=De+Erfgoedstem&utm_campaign=57bb36680f-Erfgoedstem_04-07-24_COPY_01&utm_medium=email&utm_term=0_7e01b0f316-57bb36680f-48677



zondag 8 september 2024

die Herman!

 


de gewijde IJssel gezien, herkend en geeerd.

met andere blikrichtingen en nog steeds actueel. zie: https://druiderij.nl/magische-plekken-magie-langs-de-ijssel/

 

Magie langs de Ijssel

Dick van den Dool neemt ons mee op een reis langs de IJssel en haar (Hanze)steden Westervoort, Doesburg, Zutphen, Deventer, Hattem, Zwolle, Hasselt en Kampen. Andere vullen zijn verhalen aan.

Oerplekken en vrouwelijke krachten